← Terug naar producten

Jubaea chilensis

Jubaea chilensis

Herkomst: Chili

De Jubaea chilensis, beter bekend als de Chileense honingpalm, is een indrukwekkende, langzaam groeiende palm met een massieve, gladde stam en prachtig overhangende grijsgroene bladeren. Deze majestueuze soort wordt vaak beschouwd als de “koning onder de winterharde palmen” en kan honderden jaren oud worden. Dankzij zijn robuuste karakter en elegante vorm is het een absolute blikvanger in grote tuinen en lanen.

Onderhoud & Verzorging

De Jubaea chilensis is een van de meest duurzame en onderhoudsvriendelijke palmen die bestaan. Ze groeit traag, maar vormt uiteindelijk een imposante stam en een weelderige kroon. Aanplant: plant in goed doorlatende, luchtige grond met wat grind of lavagruis onderin. Deze palm verdraagt droogte uitstekend, maar kan niet goed tegen natte voeten. Kies dus altijd voor een plek waar regenwater goed kan weglopen. Watergift: geef de eerste jaren regelmatig water om de wortelgroei te bevorderen. Volwassen exemplaren zijn droogtetolerant, maar waarderen in lange droge periodes af en toe diep water. In pot iets frequenter water geven, met goede drainage. Voeding: bemest eenmaal per jaar, in het voorjaar, met een milde palmmest of compost. Overbemesting vermijden – te veel voeding belemmert de natuurlijke trage groei. Snoei: verwijder alleen volledig bruine bladeren dicht bij de stam. Laat groene bladeren staan, want deze zorgen voor energieopslag en bescherming. Gebruik schoon gereedschap om infecties te voorkomen. Winterbescherming: volwassen planten verdragen vorst tot -15 °C mits op een gunstige plaats in de volle grond aangeplant.. Jonge exemplaren beschermen met mulch rond de stamvoet en ademend vliesdoek bij langdurige kou. Potplanten kunnen beter vorstvrij overwinteren (0–5 °C, lichte ruimte). Standplaats: een zonnige, beschutte plek is ideaal. Deze palm houdt van warmte, open ruimte en luchtcirculatie. Vermijd plekken met zware, natte kleigrond. Verpotten: alleen jonge exemplaren verpotten — oudere wortels raken moeilijk gewend aan nieuwe grond. In pot elke 3–4 jaar verpotten in luchtige palmgrond met drainage. Ziekten en plagen: zeer resistent, zelden last van plagen. Eventueel spint bij binnenteelt, te verhelpen door regelmatig te benevelen. Extra tips: – Zeer geschikt als solitaire blikvanger in grote tuinen of bij entreepartijen. – Groeit langzaam, maar is extreem duurzaam – een investering voor generaties. – De kleine, ronde vruchten (coquitos) zijn eetbaar en doen denken aan mini-kokosnoten. – Combineert prachtig met Brahea armata of Chamaerops humilis ‘Cerifera’ voor een luxe, mediterrane uitstraling.

error: Content is protected !!